LogoAdVanDerHelm

kaarsjes

Verkondiging 24 maart 2019, 3e zondag 40 dagen tijd

Lezingen
Exodus 3, 1-8a.13-15
Psalm 103
1 Corinthe 10, 1-6.10-12
Lucas 13,1-9

Welkom
In zijn gesprek noemt Jezus een ramp die in die periode zou zijn gebeurd. Ook in onze wereld heeft zich weer een ramp voltrokken: de tornado en overstromingen in Mozambique hebben talloze mensen getroffen. De beelden maken moedeloos. Natuurlijk speelt hier ook armoede een enorme rol. In tegenstelling tot Mozambique hebben wij ons land keurig kunnen inrichten en beschermen tegen dergelijke natuurrampen, ook al moeten wij niet denken dat het ons nooit kan overkomen.

Als we nadenken over het beeld van het lichaam: wanneer één lid lijdt, lijden allen mee. Zo voelen we ook het lijden in ons eigen hart, het lijden van Utrecht, van Mozambique, van Christchurch, maar er is nog veel meer: de honderden christenen die in Nigeria vermoord en afgeslacht zijn, opnieuw is er een priester vermoord in de centraal Afrikaanse republiek. Jezus stelt ons een vraag: hoe staat het met onze bekering? Zijn we toegewijd aan de naaste en daarmee aan God? Laten we met Mozes de woestijn intrekken om er God te ontmoeten. Het indrukwekkende bekeringsverhaal waarbij Mozes zich niet zomaar gewonnen geeft, is inspirerend.

Homilie
Ik weet niet of Mozes in deze fase van zijn leven een aangenaam mens was. Hij leefde met een geheim. Hij had zich verstopt en had als het ware een nieuwe identiteit aangenomen. Vluchteling uit Egypte, verscheurd tussen zijn Egyptische opvoeding en zijn Israëlitische herkomst. Hij heeft zich afgewend van de slavernij van zijn volk. Ze zoeken het zelf maar uit. Huisje, boompje, beestje in zijn nieuwe vaderland van Midjan. Mozes heeft zich aangepast, maar is eigenlijk zichzelf niet. Dat hield hij vast angstvallig verborgen voor de mensen om hem heen. Het afwenden van de ander lijkt een natuurlijke vanzelfsprekende houding die we met name gemakkelijk aannemen wanneer we collectief een standpunt innemen. Samen vinden we van alles van onze samenleving. Samen weten we van aanpakken. Beter gezegd: samen weten we hoe anderen de problemen van de wereld moeten aanpakken. Partijen en bewegingen hebben een duidelijke mening waar anderen zich achter scharen. “De anderen zijn schuldig.” Jezus verwijst naar de rol van wat wij ‘publieke opinie’ zouden noemen: in het bericht over de ramp die mensen van het leven heeft beroofd, wordt gesproken over schuldigen. De slachtoffers zullen zelf wel schuldig zijn.

Voor Jezus is dit een onvruchtbare houding die niet past bij zijn boodschap van het koninkrijk. Ieder mens wordt aangesproken op zijn/haar persoonlijke keuze en op een persoonlijk engagement jegens de ander. Niet de mening van alle anderen napraten, maar je goed informeren en dan zelf een mening vormen. Dat is een fundament van een bekering, een bekering die steeds weer opnieuw bevochten en vernieuwd moet worden. De veertigdagentijd is zo’n periode van weer opnieuw je engagement vernieuwen, op basis van de bronnen die ons worden aangereikt. De rampen die onze samenleving overkomen en die in de wereld zichtbaar zijn, bieden ons voortdurend de uitdaging om onze eigen overtuiging te testen en te kijken of onze naastenliefde en vrijgevigheid inderdaad opwegen tegen de rampen die anderen overkomen. Wat is onze reactie: de schuldigen aanwijzen of zelf de uitdaging aannemen van gebed en vrijgevigheid?

God trekt Mozes weg uit zijn vertrouwde wereld om hem te confronteren met zijn ooit uitgesproken engagement jegens Israël. “Mozes gaat vandaag ver in de woestijn” maar letterlijk staat er: hij gaat verder dan ver. Hij gaat achter de horizon. God daagt hem uit om zich te laten zien zoals hij is. Daar kan God hem ondervragen: “waar is je engagement gebleven?” Daar moet Mozes eerlijk zijn: zijn leven is doodgelopen. Hij heeft zijn roeping ontlopen. Hij heeft zich verstopt. Wanneer God zijn aanwezigheid doet gelden, komt ook de mens tevoorschijn en wordt zijn/haar roeping duidelijk.

De opdracht van de mens is niet om commentaar te hebben op wat de anderen moeten doen. Zoals de man uit de vergelijking van Jezus die oproept om de boom om te hakken. Ook in onze samenleving wordt opgeroepen om bomen om te hakken of weg te zetten of buiten te sluiten. Want die vreemde bomen zijn volgens velen de schuldigen van de rampen die ons treffen. Het zijn stemmen die veel aandacht hebben gekregen en een groot aandeel in onze politiek hebben gekregen, maar dat is niet de stem van het evangelie. Het zijn degenen die zich eigenaar wanen van de samenleving.

Maar degene die echt in de wijngaard werkt, de wijngaardenier, ziet het anders: het evangelie roept immers op bomen de kans te geven vrucht te dragen. Misschien is er meer voeding nodig, meer aandacht en zorg. Daar waar mensen die liefde en aandacht ontberen, zullen er ook geen goede vruchten zijn. De wijngaardeniers die de bomen kennen, sporen aan tot zorg en aandacht: dat zal vruchten opleveren waar we verder mee kunnen. Daar ligt de kern van onze overtuiging. Dat houden we overeind, ook in onrustige tijden als nu.

Als wij net als Mozes diep in de woestijn van ons leven treden, horen we weer het appèl dat de Heer aan ons gedaan heeft. Leeft die stem nog? Herkennen we de vele momenten in ons leven dat die stem klinkt in ons hart, in onze omgeving, in mensen om ons heen? Ook Paulus herinnert ons aan die opdracht om ons innerlijk te onderzoeken, opdat wij blijven staan, opdat wij trouw blijven en de kern van het geloof weer kunnen ontwaren en daar inspiratie uit putten en deze met anderen kunnen delen. Amen