LogoAdVanDerHelm

kaarsjes

Verkondiging 29 maart 2024, Goede Vrijdag

Lezingen
Jesaja 52, 13-53, 12
Psalm 31
Hebreeën 4, 14-16 + 5, 7-9
Johannes 18, 1-19, 42

Homilie
Dagelijks bidden we het Onze Vader met de woorden van Jezus tot God de Vader ‘uw wil geschiede’. We willen ons in het gebed van Jezus toevertrouwen aan Gods barmhartigheid en zijn voorzienigheid. Ook Jezus bidt in de Hof van Olijven ‘niet mijn wil, maar uw wil geschiede’. Hoe is de dood van Jezus toch te rijmen met de wil van God? Het lijkt eerder een gruwelijke wreedheid als een Vader de dood van zijn Zoon aan het kruis wil. Hoe moeten we dat begrijpen? Er zijn zoveel zaken in onze wereld vandaag die naar ons idee ook absoluut niet passen in de wil van God. Waar is dan onze God die we een barmhartige Vader noemen? Kunnen we ons wel aan zo’n God toevertrouwen?

Laten we kijken naar de lijdende Dienaar van Jesaja 53 in de eerste lezing. Jezus spiegelt zich aan deze profeet en ondergaat zijn lijden volgens die traditie van de vervolgde profeten. In die tekst ontlokt de dramatische ondergang van de Dienaar een antwoord van de God die de rechtvaardigheid koestert, die Zelf bron van gerechtigheid is. De Dienaar heeft zich onvoorwaardelijk solidair verklaart met de lijdende mens. Hij is dienstbaar aan de mens die beseft tekort te schieten en zondig te zijn. De lijdende Dienaar zegt: al je zorgen en pijnen neem ik op me. Het is het beeld van God die ons lijden ziet en herkent, die niet onverschillig is, integendeel. In Jezus deelt God de pijn van de mensheid tot het uiterste toe.

Deze Dienaar is slachtoffer geworden van het alom tegenwoordige geweld in de wereld, geweld dat ten diepste in onszelf zit, geweld dat zomaar ineens de kop op kan steken in een moment van boosheid, van onbeheerst gedrag. Het geweld dat in de mensheid tot ongebreideld geweld kan ontsporen tot oorlog, onderdrukking, antisemitisme, vreemdelingenhaat. Zijn dood maakt dus duidelijk waar het geweld toe leidt! Gods antwoord op dit geweld zal grens doorbrekend zijn. Zijn antwoord op de dood die lijkt te heersen in de wereld en die de lijdende Dienaar klein lijkt te krijgen, zal een antwoord van Liefde en Leven zijn. Op deze Vrijdag die wij ondanks alles een Goede Vrijdag noemen, zien we uit naar Gods antwoord. Moge de hoop op Gods antwoord ons sterken in de aanblik van het lijden in de wereld vandaag. Amen.

Verkondiging 28 maart 2024, Witte Donderdag

Lezingen
Exodus 12, 1-14
Psalm 116
1 Korinthe 11, 23-26
Johannes 13, 1-15

Welkom
Welkom aan het begin van deze drie heilige dagen. De komende dagen trekken we met Jezus mee op zijn moeizame tocht door Jeruzalem. In deze dagen wordt duidelijk wat de gezindheid is van de mensen. Welke keuzes maken de leerlingen? Welke keuzes maken de Schriftgeleerden en de Farizeeën? Welke keuzes maakt Pilatus? Welke keuzes maken wij? Wij zijn gekomen om Jezus te volgen, om ons door Hem de voeten te laten wassen, om met Hem het Brood te breken. Kunnen we deze dagen onze keuze versterken en verdiepen? Durven we met open ogen de wereld in te kijken waar veel keuzes gemaakt worden die mensen juist tegen elkaar opzetten en uit elkaar drijven? Witte Donderdag is de dag van de vriendschap, maar evenzeer de dag van het verraad. Moge de Geest ons inspireren tot trouw en onderlinge bemoediging.

Homilie
Broeders en zusters, vrienden van de Heer
Voeten zijn misschien wel de meest onderschatte lichaamsdelen. Pas wanneer je niet meer op je benen kunt staan en niet meer zelfstandig kunt lopen, besef je het vele werk dat je voeten al die jaren hebben geleverd. Voeten dragen de boodschapper en brengen de mens op zijn/haar bestemming. Zij zijn het fundament waarop iemand rust. Met je voeten kun je kiezen om je levenskeuzes uit te voeren en je leven een richting te geven. Als je je voeten laat verzorgen, besef je hoeveel ze te verduren hebben in het leven. In de tijd van Jezus was dat misschien nog wel meer het geval omdat het schoeisel toen minder beschermend was dan in onze dagen. Voeten kunnen gemakkelijk beschadigd raken en vervormd. Goede voetzorg doet heel de mens goed.

De voetwassing is daarmee een dienst aan de hele mens. Je hoeft dus niet meer helemaal gewassen te worden: de voetwassing betekent totale dienstbaarheid. Het gebaar van dienstbaarheid waarbij iemand door de knieën gaat, schept een band die onuitwisbaar is. Jezus transformeert de relatie met zijn leerlingen: zij worden door hem vrienden genoemd. Op deze laatste avond van zijn leven geeft Hij zichzelf: Zowel in de voetwassing als in de eucharistie geeft Hij ons bovendien het teken dat wijzelf drager worden van zijn aanwezigheid in deze wereld. Bij de leerlingen blijft het echter allemaal zeer kwetsbaar. Ondanks de diepe indruk die het gebaar op allen maakt, is het 24 uur later allemaal vergeten. Zij verdwijnen van het toneel, zij laten zich, behalve Johannes, niet meer zien onder het kruis.

Het gebaar van de voetwassing dat als het ware Johannes’ versie van de Eucharistie is, zal toch – ondanks alles – vruchten dragen. Als na Pinksteren de heilige Geest, de Geest van de verrezen Heer, bezit neemt van de leerlingen, zijn ze niet meer te houden: op hun beurt gaan zij de wereld in om mensen aan zich te verbinden en gemeenschappen van Brood en Wijn te bouwen. Gemeenschappen waar mensen zich aan elkaar schenken en waar vriendschap en trouw aan elkaar, ongeacht meningen, huidskleur, sociale herkomst etc, het fundament vormen.

Het Brood dat we ontvangen vanavond, brengt ons in contact met Jezus, sterker nog, het Brood brengt ons zijn aanwezigheid. Het Brood nodigt ons uit om in deze wereld de weg te gaan van Jezus, om zelf te zijn als Jezus. Met als enige boodschap zijn liefde en toewijding. Dat zal de wereld kunnen veranderen. Laten we deze avond in de stilte besluiten met de overtuiging dat dit gebaar van de voetwassing de wereld zal kunnen veranderen. Het zal beginnen bij onszelf, maar het draagt de kiem van een nieuwe wereld in zich. Dat is het begin van Pasen. Amen

Verkondiging Palmzondag, 24 maart 2024, Reeuwijk en Waddinxveen

Lezingen:
Marcus 11, 1-10
Jesaja 50, 4-7
Psalm 22
Filippenzen 2, 6-11
Marcus 14,1 - 15,47

Welkom
Welkom op de drempel van Jeruzalem. We kennen beelden van oude steden met stadsmuren waar poorten open gaan voor mensen die daar binnen gaan om er te wonen, te werken of om anderen te bezoeken. Jeruzalem heeft nog steeds zulke muren en poorten, al liggen die niet meer op dezelfde plek als in de tijd van Jezus, toen de stad kleiner was. Vandaag staan de poorten voor ons open om ons te verwelkomen opdat we getuigen te zijn van wat zich de komende dagen gaat afspelen. Nadat we met Jezus de stad zijn binnengetrokken en de vreugde van de mensen hebben gezien en gedeeld, verandert de toon en wordt de stad het toneel van dood en verderf. Jezus heeft eerder al de stad beklaagd: “Jeruzalem, arme stad waarom breng je steeds de profeten die jou waarschuwen, ter dood”? Het is een waarschuwing aan ons adres. Hoe gaan wij om met de stemmen in onze samenleving die het goede nieuws verkondigen? Met de mensen die onze samenleving verder helpen, die mensen met elkaar verbinden, die durven op te komen voor gerechtigheid en gastvrijheid, de waarden die voor ons christenen zo fundamenteel zijn bij onze keuzes die we maken? Laten we de stad binnentrekken met Jezus en een open hart hebben voor wat er om Hem heen gebeurt. En vragen we ons voortdurend af: wat zou onze positie in de kring van Jezus kunnen zijn? Dichter bij Hem, of juist op afstand? kritische beschouwer of roepend om harde maatregelen? Voor de evangelist is de paasweek een moment van onthulling: dan wordt het innerlijk van de mens zichtbaar. Mogen wij groeien in verbondenheid met Jezus en met alle mensen die zich inzetten voor het goede.

Homilie
Het contrast kan eigenlijk niet groter zijn: het geschreeuw van de stad en de stilte van God. De mensen schreeuwen eerst: Hosanna, de Zoon van David trekt de Koningsstad binnen! Hij zal nu de troon van zijn vader innemen en de Romeinen verdrijven. Maar enkele dagen later schreeuwen diezelfde mensen: aan het kruis met Hem!

En waar is God? Hij lijkt te zwijgen. Zodra Jezus aan het kruis hangt dagen ze Hem uit: laat je wonderen eens zien. Ze dagen God zelf uit: waar is nu zijn kracht? En de hemel zwijgt. Het antwoord van de hemel op het geschreeuw van de mensen is de stilte. Een oorverdovende stilte. Dit is wel het grootste mysterie van onze geschiedenis, voor ons die geloven: Gods zwijgen wanneer de nood voor de mensheid het hoogst is. Dat was in de tweede wereldoorlog met de Shoa van de Joden het geval; dat lijkt zo te zijn bij de vele oorlogen die sinds die tijd gevoerd zijn. Het is zo in onze dagen met oorlogen, aanslagen zoals gisteren weer in Moskou en hongersnood. Waarom reageert God niet op het geschreeuw van de mensen? Waarom laat Hij zich niet zien als zijn Zoon aan het kruis hangt te sterven? Ik denk dat God zijn plan heeft en zich niet hoeft te verantwoorden voor de mensheid. Zoals ook bij Job blijkt dat Gods antwoorden op de vragen van Job te groot zijn voor ons. Als God zou reageren op het geschreeuw zou hij slechts meer aandacht geven aan het geschreeuw. Dan zou het geschreeuw beloond worden en dan zou voortaan dat gedrag van mensen de toon zetten.

Gods wegen zijn anders dan die van de schreeuwende mensen. Zijn moment zal komen als de schreeuwende mensen hun roes liggen uit te slapen. Als dan in de stilte van de ochtend vrouwen naar het graf komen om het lichaam van de gestorven Jezus te verzorgen, is zijn boodschap van liefde en leven te horen. Laten we daarop niet vooruit lopen. Vandaag zijn we getuige van wat het geschreeuw van mensen tot gevolg heeft: dood en verderf. Wij die getuige zijn van het sterven van de rechtvaardige Jezus, de Zoon van de eeuwige, het gelaat van Gods barmhartigheid, kunnen daardoor beseffen dat de mensheid die naar dergelijke stemmen luistert, ten dode is opgeschreven.

Toch is ook vandaag in het tumult rond het kruis de boodschap: de liefde zal overwinnen. Er zijn mensen die hun menselijkheid en hun barmhartigheid bewaren en zich niet laten infecteren door de schrijvers van deze tijd. Laten ook wij die menselijkheid en die barmhartigheid bewaren in de aanblik van het lijden van de wereld. Amen