LogoAdVanDerHelm

kaarsjes

Verkondiging 2 april 2021, Goede Vrijdag

Lezingen
Jesaja 52, 13-53, 12
Psalm 31
Hebreeën 4, 14-16 + 5, 7-9
Johannes 18, 1-19, 42

Soberheid vandaag, alleen het kruis wordt straks getoond. Aan het begin gaat de voorganger plat op de grond liggen om te getuigen van de kleinheid van de mens, zijn eigen kleinheid. Zijn toewijding herinnert aan het leven van Jezus, aan het evangelie. Het lijkt misschien een gebaar dat uit de tijd is: het doet denken aan passiviteit en onderworpenheid. Past zo’n gebaar bij de moderne mens? Het gebaar herinnert ook aan het gebed van Jezus in Gethsemane: “Heer, laat deze beker aan mij voorbij gaan”. Jezus wordt klein voor het aangezicht van zijn Vader. Het lijkt alsof de dood hem verplettert. Zo kan angst voor de dood, angst voor het lijden mensen verpletteren en verlammen, bloed doen zweten uit angst voor ondergang, voor uitzichtloosheid in hun situatie.

In het lijdensverhaal volgens Johannes treedt Jezus naar voren. Hij staat op en confronteert het lijden zelf. Hij ziet de kwade machten in de ogen en spreekt hen aan: “Wie zoekt u? U zoekt mij, laat de anderen gaan”. Hij gaat zijn kruisweg in het besef van de liefde. Omdat Hij weet dat Hij Gods liefde voor alle mensen draagt, weet Hij dat het lijden geen vat op hem zal hebben. Hij omarmt het kruis. Dat is het beste antwoord dat de Mensenzoon kan geven op het lijden dat Hem overkomt: omarmen en sterker zijn dan het lijden. Geen slachtoffer, maar gezondene, geen passiviteit, maar roeping, geen ondergang, maar keuze.

Dat is de weg waardoor het kruis uiteindelijk geen angst meer inboezemt, en ook voor ons geen ondergang betekent. Daarom kunnen ook wij het zelf omarmen en aanvaarden omdat we weten dat er leven en liefde is. Aan het kruis is de wet van de eigenliefde verslagen. Aan het kruis is de slavernij van het eigen ik ten onder gegaan. We strekken ook onze handen uit naar de ander, de ander in onze eigen kring, de ander die we ontmoeten. Zo kunnen we met onze armen de hele wereld omarmen en worden wij zelf de armen van het kruis, die zo lang worden dat zij de hele wereld met de armen van Gods ontferming omarmen. Wij mogen die armen zijn van het kruis van Gods liefde. De viering begon vanavond plat op aarde, maar het kruis wordt opgericht. Het zaad van Pasen is gezaaid. Amen

Korte verkondiging Witte Donderdag, 1 april 2021

Lezingen:
Exodus 12, 1-8.11-14
Psalm 116
1 Korinthe 11, 23-26
Johannes 13, 1-15

Welkom
In dit avonduur komen we samen omdat we ons uitgenodigd weten. Wie nodigt ons uit? Wat weten we van de gastheer? De leerlingen die al een paar jaar met Hem meetrekken, worden nog steeds verrast door zijn woorden en gebaren. Steeds weer opnieuw weet Hij diepere betekenis te geven aan de oude tradities en woorden van het Eerste Testament. Hij vervult ze met een geest van kracht en leven, alsof God zelf aanwezig is. Nu ook aan tafel krijgt het woord gastvrijheid een scherpe inhoud: de onrust hangt in de lucht. Jeruzalem is zich aan het voorbereiden op het Paasfeest. Dat betekent spanning met de Romeinse overheden, spanning met de hogepriesters die de Romeinen te vriend willen houden. Er is spanning bij het volk dat vrijheid verlangt en ongehinderd het geloof wil belijden. In een wereld die zwaar is van onrust en opstandigheid, stelt Jezus een klein gebaar: hij reikt Brood en Wijn aan: teken van zijn eeuwige trouw aan mensen. Hij wast de voeten van zijn leerlingen als gebaar van dienstbaarheid. Hij gaat op de knieën en neemt een slavenwerk op zich terwijl hij niet eens zeker is van de trouw van deze groep wankelmoedige leerlingen. Morgen zal Hij opnieuw slavenwerk verrichten in zijn dood aan het kruis. Laten we vanavond het Brood en de Wijn uit zijn handen ontvangen en ons verbond met Hem vernieuwen.

Homilie
Vandaag geen voetwassing: u kent me en weet hoe symbolisch ik dit gebaar vind voor mijn pastorale werk. De nabijheid van het pastoraat, het toegelaten worden als pastor in de binnenkant van de ziel van een mens is te vergelijken met de voetwassing. Of ik nu in contact ben met een parochiaan of een bijna parochiaan, of een niet parochiaan: een enorme rijkdom gaat schuil in die binnenkant van een mens. Dat kan een rijkdom zijn die soms verwart en onrustig maakt, een rijkdom die niet altijd in evenwicht is. Een mens moet die rijkdom zien te ordenen. De autonomie is voor ons een groot goed, maar die binnenkant maakt soms dat iemand anders handelt dan hij/zij zelf wil. Er zijn invloeden op denken, voelen en handelen die iemand niet altijd van zichzelf begrijpt. Een pastoraal gesprek of begeleiding wil verzoening brengen en dankbaarheid voor de door God geschonken krachten. Die intimiteit van het pastoraat vindt zijn uitdrukking in de voetwassing: zo dichtbij word je als pastor toegelaten.

Die erkenning van die innerlijke rijkdom en de dankbaarheid geven kracht en zetten een mens op het spoor van een roeping. Met de voetwassing dringt Jezus diep door in het innerlijk van zijn leerlingen die verward zijn en minder zeker van zichzelf dan Jezus lijkt te zijn. Petrus verwoordt die onrust: het gebaar brengt hem uit evenwicht. Waarom zou Jezus nu zijn vertrouwen uitspreken op deze manier? Is er geen andere manier? In de ogen van Petrus stelt Jezus zich aan. Op die manier zet Petrus Jezus buiten en aanvaardt hij niet dat God zelf in Jezus bezig is. Want wie Jezus buiten zet, zet God buiten. Wie zijn schouders ophaalt bij dit gebaar van gastvrijheid, beseft niet hoe mensen elkaar en dus God nodig hebben.

Ieder mens heeft een voetwassing nodig: een reiniging waardoor nieuw evenwicht komt en iemand sterker zijn weg kan vervolgen. Gereinigde voeten hebben betekent: een beter evenwicht hebben. Het geeft meer vrijheid om de eigen weg te gaan en de weg te ontdekken die God bereid heeft. Er is geen tegenstelling tussen de wil van God en de roeping van de mens, maar in de roeping van God is ontplooiing mogelijk en verwerkelijking. Ook als de mens op onverwachte paden wordt gezet, kunnen er nieuwe mogelijkheden komen.

De leerlingen weten amper wat hun boven het hoofd hangt. Beter gezegd: wat Jezus boven het hoofd hangt. Al heeft hij het al drie keer aangekondigd, de leerlingen zien het nu nog niet aankomen. Juist daarom vertelt Johannes in plaats van de instelling van de eucharistie dit verhaal van de voetwassing. Hierin wordt het verbond tussen God en mens definitief bevestigd. God en mens zijn niet meer van elkaar te scheiden. Dit eeuwige verbond, dit levenslange commitment kan ons sterk maken in de aanblik van het lijden. Al is het lijden onmetelijk groot: de liefde is uiteindelijk groter. Met die overtuiging gaan we de komende dagen van duisternis in. Amen

Verkondiging 28 maart 2021, Palm - of Passiezondag

Lezingen
Marcus 11, 1-10
Jesaja 50, 4-7
Psalm 22
Filippenzen 2, 6-11
Marcus 14, 1 – 15, 47

Inleiding
Geen processie vandaag, geen beweging van het plein naar de kerk. Die beweging moeten we vandaag met het hart en met de geest maken. Dit is al beter dan vorig jaar, toen er helemaal niets mogelijk was en we slechts de palmtakken konden ophalen bij de deur van de kerk. We laten zien dat ons geloof sterker is dan de rituelen. Nu komt het er op aan daadwerkelijk met Jezus verbonden te blijven in zijn bewegingen van Pasen, van het gejubel van Hosanna naar de eenzaamheid van Gethsemane, een beweging van het lijden aan het kruis naar de ontmoeting met de verrezen Heer in de tuin op Paasmorgen: Rabboeni.

Vandaag komt de stad in beweging om de koning in te halen, een stad die amper begrijpt wat zijn koningschap inhoudt. Tot op de dag van vandaag is het moeilijk voor de mens om met macht om te gaan. Wij laten ons op Palmzondag leiden door deze koning, die de dienstbaarheid zo ver doorvoert dat Hij zijn leven geeft. Laten we in gedachten met deze dienstbare de stad Jeruzalem binnen trekken.

Homilie
Broeders en zusters, vrienden van de Heer,
Wat macht is, heeft denkers altijd geïnteresseerd. Hoe verwerf je macht en hoe kun je macht behouden? Jezus heeft de glorieuze intocht in Jeruzalem niet weten vast te houden, zouden politicologen kunnen beweren. Hij is ten onder gegaan in de ogen van de wereld, maar als we goed kijken, zien we bij de machtige en glorieuze intocht in Jeruzalem al de aankondiging van de ware macht van Jezus: het vermogen om die macht weer los te laten. Hij geeft die macht uit handen op het kruis. De ezel van de eenvoud en de takken van de vrede kondigen de ware aard van zijn koningschap aan: de macht van de dienstbaarheid. De dubbele boodschap van Palm- en Passiezondag brengt ons het evenwicht van de evangelische visie op macht: wie macht denkt te hebben, zal deze verliezen. Hij die zich in dienst stelt van het hogere goed van Gods koninkrijk, zal vruchten dragen. De gekruisigde van de brief aan de Filippenzen, de lijdende dienaar van Jesaja: Hij leeft en inspireert ons om de wereld te vervullen met barmhartigheid en gerechtigheid. Wij trekken met deze dienaar mee en deze trouw aan Hem geeft ons leven. Zolang de wereld niet vergeet dat de ware macht gelegen is in dienstbaarheid, is er toekomst. Maar daar waar mensen zich identificeren met hun eigen macht, gaat het mis. We zien er gewelddadige gevolgen van, waar mensen slachtoffer worden, we noemen Myanmar, Brazilië, maar ook dichter bij huis zien we machtsmisbruik en manipulatie om de macht vast te houden.

Wij blijven trouw aan de weg van Jezus die als een dienstbare koning de stad binnentrekt. De takken die we meenemen en die we uitdelen aan anderen herinneren ons aan de dienstbaarheid van God. Versier je huis met deze takken van de vrede. Versier je hart met de takken van de dienstbaarheid. Wees een krachtig getuige van deze koning, die zijn leven heeft gegeven voor zijn vrienden. Amen