LogoAdVanDerHelm

kaarsjes

Verkondiging 27 juni 2021, dertiende zondag door het jaar

Lezingen
Wijsheid 1, 13-15; 2, 23-24
Psalm 30
2 Korinthe 8, 7.9.13.15
Marcus 5, 21-43

Welkom
Welkom bij deze eucharistieviering. Verschillende gradaties van ontmoetingen lezen we vandaag in het evangelie: een grote menigte verzamelt zich, zij zien Jezus. Zij hebben een oppervlakkig contact met hem en blijven op afstand. De vader van het bijna dode meisje, Jaïrus, komt om hulp vragen: hij spreekt Jezus direct aan. Een stap verder gaat de zieke vrouw. Omdat zij bloed verliest, is zij een onreine vrouw. Zij raakt Jezus aan. Zij hoopt dat dit ongemerkt gaat, maar integendeel. De aanraking echter brengt reinheid en leven.

Laten we diezelfde ontwikkeling maken in ons leven die ook in deze viering zit: van buiten, vanuit het gewone leven komen we naar binnen, we spreken Jezus aan in ons gebed en in de eucharistie raakt hij ons en wordt Hij deel van ons bestaan. Moge het een helende kracht zijn die we hier ontvangen. Ik wens u een genezende eucharistie.

Homilie
Broeders en zusters, vrienden van de Heer,
Voor het denken in de Joodse wereld van Jezus zijn lichaam en Geest niet te scheiden. Een lichamelijke ziekte duidt op een innerlijk probleem. We kennen de koorts van de schoonmoeder van Petrus die duidt op een wankelmoedig geloof en gebrekkig vertrouwen. Vandaag wordt Jezus geconfronteerd met problemen van meer serieuze aard. Het gaat hier zelfs om leven en dood. De twee vrouwen laten een volledige complementariteit zien: jong en oud, passief in bed en actief op pad om Jezus aan te raken. De overeenkomst tussen de twee is dat het leven uit hen vloeit. Het meisje is bijna dood en de oudere vrouw heeft geen perspectief: niemand kan haar helpen.

Een andere overeenkomst tussen de twee vrouwen is dat zij beiden dochter genoemd worden. Daar ligt een sleutel om het gebeuren te verstaan: de vrouwen ontdekken dat zij dochter van het verbond met God zijn. Zij beseffen dat zij geliefd zijn en door God geraakt worden. De zieke vrouw verlangt zo naar liefde en leven dat zij de reinheidswetten durft te overtreden en zich door de menigte naar voren dringt en Jezus bij zijn kleed, zijn profetenmantel, aanraakt. Het jonge meisje wordt omringd door haar ouders die haar beminnen en vrezen voor haar leven, maar als Jezus haar aanraakt is het de liefde van de Hemelse Vader Zelf die haar tot leven brengt. Dat raakt hen beiden in hun innerlijk, hun ziel.

Dat vertelt ons de aard van het verbond dat wij in de kerk belijden. Vaak vinden we het een mooi verhaal, maar het blijft toch een verhaal aan de buitenkant. Laten we ons wel raken? Beseffen we dat het niet alleen gaat om een mooi geloof, maar om leven, om nieuw leven? Het boek van de wijsheid van Salomo onderwijst ons inzake de betekenis van leven. Dat leven is de afgelopen tijd wel erg onder druk komen te staan. Het verbod op aanraken - hooguit via ellebogen, maar dat kun je volgens mij geen aanraken noemen – heeft akelige gevolgen gehad. Er is angst tussen mensen. Er is spanning en stress. Het verlamt en het heeft onze samenleving voor de komende jaren veranderd, denk ik: de onbevangenheid van voorheen zal niet snel terugkeren, maar wij weten dat het verbond tussen mensen en hun verbond met God dieper gaat. Juist nu zijn we meer attent op elkaar. Tenminste dat mag ik hopen. Daar ligt de kracht van de mens die zich laat inspireren door Gods Geest. Die Geest vertelt dat ons leven een groter leven in zich draagt. Het leven is meer dan ademen en bewegen en denken. Leven in Bijbelse zin is van God, is vervuld zijn van zijn levensadem. Dat leven is: liefhebben. Een adem die we herkennen in de liefde van anderen, in de creativiteit van mensen, de barmhartige daadkracht van mensen.

Helaas zien we ook veel bekrompenheid en angst in onze kerkgemeenschap, letterknechten en doctrinebewakers. We weten dat dit een onbegaanbare weg, een weg ten dode is: wie het leven wil vasthouden zal het verliezen, maar wie zijn leven ziet als geschenk uit Gods hand en het dus voor Hem beschikbaar houdt, zal leven zonder einde. Van dat leven getuigt Paulus die de ware rijkdom ziet in een leven vervuld van de Geest van Christus. Geen rijkdom van deze wereld, maar de rijkdom van het verbond met God. Als wij ons als rijke kinderen van Gods Liefde kunnen beschouwen, zal geen pandemie en geen bedreiging ons raken, want we weten dat we maar één bestemming hebben en dat is leven in de eeuwige liefde van God. Dat is het mooie perspectief dat de twee vrouwen meekrijgen uit het evangelie. Niet alleen komen zij weer op de been en zijn zij genezen van hun kwalen: zij zijn opnieuw opgenomen in het eeuwige verbond van Gods liefde. Zij zijn niet alleen genezen voor dit leven; zij hebben zelfs deel gekregen aan het oneindige leven. Mogen ook wij geraakt worden door Christus in het levende brood dat we ontvangen, om weer opnieuw het verbond ten leven te ontvangen. Amen.

Verkondiging 20 juni 2021, twaalfde zondag door het jaar

Lezingen
Job 38, 1.8-11
Psalm 107
2 Korinthe 5, 14-17
Marcus 4, 35-41

Welkom
Welkom bij deze eucharistie. De evangelielezing herinnert ons vandaag aan de gebedsviering die Paus Franciscus vorig jaar hield, toen de pandemie nog maar net bezig was en in Italië al veel slachtoffers maakte. We wisten niet wat er nog zou komen en wat dit van mensen zou vragen. Nu de pandemie zeker in Nederland tot een einde lijkt te komen, moeten we ons realiseren dat we nog steeds verantwoordelijk zijn voor de wereld waarin we wonen. We zitten nog steeds op dat ene bootje op een stormachtig meer van Genesareth. Hier in deze kerk in deze viering beseffen we hoezeer we samen in die ene boot zitten. De kerk symboliseert het schip. En we weten: de Heer slaapt niet. Hij weet hoe het met dit schip gaat. Kunnen we vertrouwen vinden in dit geloof? Daartoe luisteren we naar Gods woord en laten we ons voeden door zijn aanwezigheid in de eucharistie.

Homilie
Broeders en zusters, vrienden van de Heer,
De wereld komt vaak chaotisch over. We proberen rust en veiligheid te vinden, maar de onrust is groot. Niet alleen de pandemie maakt de mensheid onzeker. Ondanks de versoepelingen blijven mensen angstig en bezorgd. Welke gevolgen zullen blijvend zijn? Zullen we elkaar weer onbevangen kunnen omarmen en begroeten? De berichten zijn positief en de maatregelen worden versoepeld, maar in andere delen van de wereld, zoals in Suriname, zijn de zorgen nog groot en is de chaos compleet. Ook andere zorgen rond de wereldvrede en politieke instabiliteit zijn als een storm die onze wereld in donkere wolken hult. Het zijn de donkere wolken waar paus Franciscus in zijn encycliek Fratelli Tutti van spreekt. Hij weet heel goed wat de stand van de wereld is en welke stormen de mensheid teisteren. Zijn boodschap is niet een simpelweg vertrouwen. Het is een combinatie van vertrouwen in Gods voorzienigheid en een oproep tot verantwoordelijkheid. Leiderschap is geen spel dat handig gespeeld moet worden. Het is een verantwoordelijkheid voor het welzijn van anderen. De Heer die deze wereld geschapen heeft, zal de mensen rekenschap vragen. En van degene die veel verantwoordelijkheid en talenten en mogelijkheden gegeven is, zal ook veel gevraagd worden.

De korte tekst van het boek Job is een gedeelte van het troostende antwoord van God aan het adres van Job die door tegenslagen wordt gekweld en die zijn nood klaagt bij de Eeuwige. Een korte passage, die uitnodigt om nog een langer gedeelte te lezen. Net als in het evangelie is er sprake van storm en chaos. Het is de chaos van de oorsprong. Soms lijkt onze wereld weer terug te vallen tot die kosmische chaos: natuurrampen, klimaatverandering, maar ook dreiging van oorlog en miljoenen mensen die op de vlucht zijn. We stelt er paal en perk aan deze chaos?

Dan klinkt de stem van de Eeuwige in het boek Job: God is degene die grenzen stelt aan de chaos. Zo is alles begonnen: met God die paal en perk stelt aan de ongeordendheid: alles komt op zijn plek door Gods macht die een macht van liefde is. Zijn schepping is niet een startpunt in een lang vervlogen verleden. Zijn schepping is voortdurend bezig: een beweging om ordening, rust en vrede te brengen in een onrustige wereld. Wij mogen de indruk en de angst hebben dat de mensheid zal vergaan, maar dan zien we niet de scheppende aanwezigheid van God die grenzen stelt aan de chaos. Dat keert ook terug in het wonderverhaal op de boot met de angstige leerlingen. Het lijkt een mooi en fijn wonder dat de leerlingen meemaken en met de onweersbuien van de laatste dagen, kunnen we ons daar goed in inleven. Maar u snapt natuurlijk wel dat de boot om het meer van Genesareth geen vakantieuitje is, maar een levensboot. Het is een paasverhaal. Het gebeuren op deze boot hebben de leerlingen zich na Pasen herinnerd als voorteken van het drama van de Goede Week. De goede Jezus, de zoon der gerechtigheid, degene die mensen leven gaf en vergeving, werd door de kwade machten uit de weg geruimd. Dat is de eigenlijke storm die het leven van de leerlingen compleet dreigt te verwoesten. Zijn de machten van het kwaad dan almachtig? Bepalen zij de toekomst van de wereld? De storm op het meer weerspiegelt de nood van de leerlingen na het sterven van Christus. We kunnen ons allemaal wel herkennen in die ontreddering die ons kan treffen. We kunnen ons met de donkere wolken over de mensheid vandaag de vraag stellen: is het inderdaad de chaos die regeert, is het de zinloosheid die de mensheid laat dobberen als op een bootje zonder roer en zeil en richting?

In deze chaos verschijnt Christus: de nieuwe mens. Het is het mysterie van de nieuwe mens die met de kracht van de Geest van God de chaos overwint. Pasen is het voortdurend fundament voor ons geloof: ook in de chaos van onze wereld die geteisterd wordt door de donkere problemen van kosmische aard, problemen die ons machteloos kunnen maken, klinkt de stem van de Christus die zegt: “Vrede zij met U.” Hij is gestorven, zoals Paulus zegt opdat wij niet meer voor onszelf zouden leven, maar voor Hem en dus voor de naaste. Wees niet bevreesd voor de chaos van de wereld, maar besef dat de scheppende Geest van God met ons is en ons in ons schip van de mensheid en de wereld de weg zal wijzen. Laten we gevoelig zijn voor de signalen die de Geest ons geeft. Amen.

Verkondiging 13 juni 2021, elfde zondag door het jaar

Lezingen
Ezechiël 17, 22-24
Psalm 92
2 Korinthe 5, 6-10
Marcus 4, 26-34

Welkom
Welkom bij deze eucharistieviering waarin we de groeikracht van Gods Woord in ons eigen leven vieren. Tegen de verdrukking in, tegen de tijdgeest in, tegen kritische en soms vervelende opmerkingen van anderen in bewaren we onze hoop op de boodschap dat het Koninkrijk van vrede gezaaid is en zichtbaar wordt. Kleine tekens van goedheid kunnen het verschil maken. Niet macht is onze methode, maar vrede. Dit betekent geen machteloosheid, maar het is overgave aan Gods liefde en het steeds weer delen van die liefde met mensen om ons heen.

Vandaag vieren we in de Paschaliskerk het feest van Liduina: een klein twijgje in Gods tuin dat nog steeds groeit en bloeit. Niet dat veel mensen haar nog kennen, maar wat zij beleefd heeft, is nog steeds actueel voor mensen. Mensen dragen hun lijden vaak in stilte, in het verborgene. Ons antwoord op dat lijden is geloofsgemeenschap zijn, elkaar niet alleen laten, elkaar dragen, naar elkaar luisteren. Het kleine twijgje van die aandacht, zal kunnen uitgroeien tot een nieuwe levensbron! Laten we net als Liduina hier in de eucharistie onze levenskracht vinden.

Homilie
Broeders en zusters, vrienden van de Heer,
Veel scholieren hebben de uitslag van hun eindexamen binnen. Vlaggen gaan uit. Plannen worden gemaakt voor de zomer en voor ná de zomer: plannen om een baan te zoeken, plannen om verder te studeren, plannen voor een gap year, zoals onze kroonprinses dat heeft genoemd. Ouders en grootouders zijn trots en ze zien nu de oogst van jarenlang investeren, stimuleren, bijsturen en vooral ook van vertrouwvol afwachten. Opvoeden heeft veel te maken met geduld hebben. Veel ouders beseffen dat een kind niet hun product is, niet het verlengstuk van hun eigen verlangens en dromen. Ook al is een kind een twijgje van je leven, dit kind zal uitgroeien in een eigen tempo en in een eigen richting. In dat opgroeiende kind komen nieuwe en ongekende mogelijkheden tevoorschijn. Maar dat vraagt geduld en vertrouwen dat de vruchten zullen komen. Het kunnen onverwachte vruchten zijn.

Zo kijkt God naar mensen. Hij ziet ons als zijn kinderen. Wij zijn wel zijn schepselen, maar geen slaafse navolgers van zijn wetten en voorschriften. Wij zijn als bomen die groeien met de groeikracht die God geeft. Wij hebben groeikracht en groeiruimte nodig. We zijn geen kopieën van elkaar: ieder heeft een eigen roeping en opdracht. Jezus zegt: ik noem jullie geen slaven, maar vrienden. Die vriendschap geeft ons ruimte: een evangelische vriendschap vol groeikracht en ruimte. We beseffen als gelovige mensen dat we door God geplant zijn, dat we onze oorsprong vinden in de hoge ceder die symbool is van God zelf. Die vriendschap wordt al bij Mozes genoemd: Mozes spreekt met God zoals vrienden met elkaar spreken. We kunnen nagaan of ons gebed gekenmerkt wordt door die vriendschap.

Onze tijd en samenleving zijn gericht op snel en meetbaar resultaat. Vriendschap is een privéaangelegenheid en niet iets voor de publieke wereld. In politiek en bedrijven en ook in de kerk wordt mensen gevraagd verantwoording af te leggen. Vriendschap is dan ver te zoeken. Dat is een hard proces waarbij vaak een hard oordeel geveld wordt: het had beter gekund en beter gemoeten. Het is vaak ook een machtsstrijd: degene die verantwoording vraagt en opeist kan zijn/haar macht doen gelden over de ander. De evangelische vraag is of die benadering de juiste vruchten oplevert. De beelden die Ezechiël en Christus ons aanreiken, getuigen van een andere levenshouding. Een houding van geduld en van dienstbaarheid. Niet passiviteit of simpelweg afwachten. Onze kracht is een andere. Het is de kracht van het geduld.

De boer vertrouwt op de groeikracht van de aarde en beseft dat water nodig is om gewassen te doen ontkiemen en op te laten komen. Hij vervult zijn arbeid in het besef dat niet hij zelf de bron is van die groeikracht. Zijn arbeid en inzet zijn nodig, maar zijn niet de bron van alles. Het is de Eeuwige, die de groeikracht geeft. Wij zijn niet zelf de bron, maar God is de bron. Daar waar mensen zichzelf als de bron beschouwen, gaan zij over de ander heersen, gaan zij macht uitoefenen over de ander. Maar die macht beschadigt, corrumpeert en tast menselijke relaties aan. Zo mag onze relatie tussen elkaar als broeders en zusters niet zijn. Of je nu pastor bent of parochiaan, bisschop, paus, religieus, een nieuwe of levenslange katholi

ek: niemand staat boven de ander. Het evangelie is onze bron en we leren allen van die bron. Ook al heeft ieder een rol in de kerk, het zijn geen verhoudingen van macht of zouden dat niet moeten zijn.

Zoals ouders beseffen dat opvoeden een grote verantwoordelijkheid is, maar dat zij ook veel van hun kinderen ontvangen, zo kunnen wij veel van elkaar ontvangen als we daadwerkelijk luisteren naar elkaar. Ouders kunnen onder de indruk zijn van de keuzes die hun kinderen maken en van de soms onvermoede talenten die ze kunnen ontwikkelen. Zo mogen ook wij met bewondering kijken naar keuzes die menen maken en vertrouwen dat dit een bijdrage betekent voor het Koninkrijk dat komen gaat. Zal ook God onder de indruk kunnen zijn van hetgeen wij doen met de gaven van de heilige Geest? Moge die groeikracht en die groeiruimte in ons zijn. Amen.